Junikevers: wat ze zijn, wat ze doen en wanneer je ze ziet

Junikevers zijn bruine, gedrongen kevers die je in mei en juni massaal ziet vliegen, vaak tegen de schemering. Ze behoren tot de familie van de bladsprietkevers en lijken op een kleinere versie van de bekende meikever. De naam zegt het al: ze verschijnen vooral in de zomermaand juni, al duiken de eerste exemplaren soms al eind mei op.

Wie in de tuin staat en vlakbij de grond een snel vliegend, brommend insect voorbij ziet zoeven, heeft de kans groot een junikever te spotten. Ze zijn niet zeldzaam, maar vallen minder op dan hun grotere neef de meikever. Toch zijn ze op hun eigen manier interessant, zowel als kever als in hun lange leven onder de grond.

Hoe herken je de junikever?

De junikever (Amphimallon solstitiale) is een bruingeel tot roodbruin gekleurd beestje met een lichaamje van zo’n 1,5 tot 2 centimeter lang. Het lijf is bedekt met fijne haartjes, wat hem een wat wollig uiterlijk geeft. De vleugeldeksels zijn lichtbruin, de kop en het borststuk iets donkerder. Vergeleken met de meikever is hij duidelijk kleiner en ook wat slanker van bouw.

De mannetjes herken je aan hun grotere, waaierachtige voelsprieten. Die zijn groter dan die van het vrouwtje en dienen om geurstoffen op te vangen. Op die manier vinden mannetjes de vrouwtjes in het donker. De vrouwtjes zijn iets groter en robuuster van bouw.

Wanneer en waar zie je junikevers?

Junikevers zijn actief in de avondschemering, van ongeveer een uur voor zonsondergang tot kort daarna. Ze vliegen in zwermen rond bomen en struiken, en dat kan behoorlijk druk worden. Populaire plekken zijn randen van bossen, hagen, fruitbomen en parkbomen zoals linden of eiken. Ze fladderen vaak met een luid gezoem rondjes om de kroon van een boom.

De vluchttijd is kort: de volwassen kevers leven maar een paar weken. In die tijd gaat alle energie naar het paren. Na de paring legt het vrouwtje haar eitjes in de grond, bij voorkeur in grasland of tuingrond met voldoende organisch materiaal.

Het leven van de junikever onder de grond

Het grootste deel van het leven van de junikever speelt zich niet bovengronds af. Na het uitkomen leven de larven, ook wel engerlingen genoemd, twee tot drie jaar in de bodem. Ze eten plantenwortels en kunnen daardoor schade veroorzaken aan grasmat, moestuin of landbouwgewassen. Engerlingen zijn gebogen, witachtige larven met een bruine kop en pootjes vooraan het lichaam.

Na die lange periode in de grond verpoppen de larven in het voorjaar. Enkele maanden later, meestal in juni, verschijnen de volwassen kevers bovengronds. Zo begint de cyclus opnieuw. De kever zelf zorgt dus voor de voortplanting, terwijl de larve het zware werk doet in termen van groeifase.

Zijn junikevers schadelijk?

Als volwassen kever eten junikevers bladeren van bomen en struiken, maar de schade blijft doorgaans beperkt. Het is eerder de larve die voor problemen kan zorgen. Grote aantallen engerlingen in de bodem vreten wortels door, waardoor gras geel wordt of planten wegvallen. In moestuinen of gazons kan dat zichtbaar zijn als plakkaten dood gras die loslaten van de grond, omdat de wortels er niet meer aan vastzitten.

Toch is bestrijding in de meeste gevallen niet nodig. Junikevers zijn onderdeel van het ecosysteem en dienen als voedsel voor vogels, egels en mollen. Grauwe vliegenvangers, spreeuwen en andere insecteneters pikken de kevers op tijdens hun avondvlucht. Mollen en egels graven engerlingen op uit de grond. In een gezonde tuin houd je de aantallen zo op een natuurlijk peil.

Junikevers in de tuin: wat kun je doen?

Als je overlast ervaart van engerlingen in de grond, zijn er een paar dingen die je kunt doen zonder meteen naar chemische middelen te grijpen. Roofaaltjes (nematoden van de soort Heterorhabditis bacteriophora) kun je in de zomer in vochtige grond aanbrengen. Ze dringen de larven binnen en doden ze van binnenuit. Dit werkt het beste als de grond warm en vochtig is en de larven nog klein zijn, dus in augustus of september.

Verder kun je de tuin aantrekkelijker maken voor natuurlijke vijanden. Een egel die ’s avonds door de tuin loopt, of spreeuwen die op het gazon scharrelen, zorgen vanzelf voor minder engerlingen. Soms is de simpelste aanpak de meest effectieve.

De junikever is kortom een gewone verschijning in de Nederlandse en Belgische zomer, met een ongewoon lang verborgen leven als larve. Zie je ze ’s avonds zoemen rond de bomen, dan is dat een teken dat de zomer echt begonnen is.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *