Aaltjes tegen kevers zijn een effectieve, biologische manier om larven van bodemkevers te bestrijden zonder chemische middelen. De microscopisch kleine nematoden dringen de larven binnen via natuurlijke lichaamsopeningen en doden ze van binnenuit. Dit werkt het best bij specifieke keverssoorten en onder de juiste omstandigheden. Hieronder lees je wanneer je aaltjes inzet, welke soort je nodig hebt en hoe je het aanpakt.
Welke kevers bestrijdt je met aaltjes?
De meest bekende toepassing is het gebruik van aaltjes tegen de taxuskever (Otiorhynchus sulcatus). De volwassen taxuskever is lastig te bestrijden, maar de larven in de grond zijn kwetsbaar voor nematoden. De larven vreten aan wortels van planten zoals taxus, rododendron, hortensia, aardbeien en vele vaste planten. Dat vreetgedrag is onzichtbaar totdat een plant plotseling wegkwijnt of omvalt.
Naast de taxuskever kun je aaltjes ook inzetten tegen andere bodemkevers waarvan de larven in de grond leven, zoals de rozenkever en bepaalde mestkevers. Het gaat er altijd om dat de larven zich in de grond bevinden, want daar werken aaltjes het best. Vliegende of bovengrondse kevers bereik je er niet mee.
Aaltjes tegen kevers: welke soort nematoden gebruik je?
Niet elke aaltjessoort werkt even goed tegen dezelfde plaag. Voor de taxuskever en vergelijkbare keverslarven wordt Steinernema kraussei het meest gebruikt. Dit is een relatief koudetolerante soort, wat een praktisch voordeel geeft: hij werkt al bij bodemtemperaturen vanaf circa 5 graden Celsius. Dat maakt vroeg behandelen in het najaar of laat in het voorjaar mogelijk, precies wanneer de larven nog actief en kwetsbaar zijn.
Een andere soort die soms wordt ingezet is Heterorhabditis bacteriophora. Deze werkt beter bij hogere bodemtemperaturen (vanaf circa 12 graden Celsius) en is effectiever tegen dieper in de grond zittende larven. De keuze tussen beide soorten hangt af van het seizoen en de doelsoort. Lees de verpakking goed: aaltjesleveranciers vermelden altijd welke plaag en welke temperatuur bij de soort past.
Wanneer is de beste tijd om aaltjes toe te passen?
Timing is de belangrijkste succesfactor. De larven van de taxuskever zijn er in twee perioden en moeten jong zijn voor het beste resultaat:
- Najaar (augustus tot en met oktober): De eitjes zijn net uitgekomen en de jonge larven zitten ondiep in de grond. Dit is het meest effectieve moment.
- Voorjaar (maart tot april): De overwinterde larven worden weer actief. Behandeling is nog mogelijk, maar minder effectief dan in het najaar omdat de larven dan al groter en weerbaarder zijn.
De bodemtemperatuur moet minimaal 5 graden Celsius zijn voor Steinernema kraussei en minimaal 12 graden voor Heterorhabditis bacteriophora. Zit je daaronder, dan zijn de aaltjes nauwelijks actief en sterven ze snel af.
Hoe breng je aaltjes tegen keverslarven aan?
Het aanbrengproces is eenvoudig maar vraagt wat voorbereiding. Volg deze stappen:
- Bereid de oplossing voor door de aaltjes op te lossen in water, precies zoals de verpakking aangeeft. Gebruik geen koud kraanwater met chloor; laat het water eerst even staan of gebruik regenwater.
- Breng de oplossing aan met een gieter of sproeier. Verwijder fijne sproeikoppen want die beschadigen de aaltjes.
- Bewerk de grond vooraf: verwijder mos of een dikke grasmat die het water tegenhoudt en zorg dat de aaltjes echt de bodem bereiken.
- Wees royaal met water: de grond moet goed vochtig zijn voor en na het aanbregen, zodat de aaltjes naar de larven toe kunnen bewegen.
- Behandel bij bewolkt weer of in de avond. Direct zonlicht doodt aaltjes snel.
De hoeveelheid hangt af van het te behandelen oppervlak. Verpakkingen vermelden hoeveel vierkante meter je per dosis kunt behandelen. Voor een gemiddelde tuin is één behandeling van 25 tot 50 m² een gangbare hoeveelheid.
Wanneer werken aaltjes tegen kevers juist niet goed?
Er zijn situaties waarbij aaltjes tegenvallen of zelfs geen resultaat geven:
- De grond is te droog. Aaltjes bewegen alleen in een waterfilm door de bodem. Zonder vocht staan ze stil en bereiken ze de larven niet.
- De bodemtemperatuur is te laag. Bij temperaturen onder de minimumgrens zijn de aaltjes inactief.
- De larven zitten te diep. Vooral bij zware kleigrond komen de aaltjes moeilijk bij dieper liggende larven.
- De keversaantasting is te groot of te ver gevorderd. Aaltjes beheersen een aantasting; ze ruimen niet in één keer alle larven op. Bij ernstige schade is een tweede behandeling soms nodig.
- Verkeerde soort aaltjes voor de doelplaag. Controleer altijd of de soort op de verpakking overeenkomt met de kever die je wilt bestrijden.
Hoe lang duurt het voor je resultaat ziet?
Na het aanbregen duurt het doorgaans twee tot vier weken voor de larven doodgaan. Je ziet de aaltjes niet werken; je merkt het resultaat pas indirect, doordat je planten gezonder blijven of doordat je bij nader onderzoek dode larven vindt in de grond. Verwacht geen spectaculair zichtbaar effect. Dat is normaal en geen teken dat het niet werkt.
Gebruik aaltjes als preventieve of vroeg-curatieve maatregel, niet als noodreparatie als een plant al bijna dood is. Op het moment dat een plant omvalt door wortelvraatschade, is de schade al gedaan. Jaarlijks behandelen in het najaar is de meest betrouwbare aanpak, zeker in tuinen waar je eerder taxuskevers hebt gezien.
