Krekel groen: dit is de grote groene sabelsprinkhaan

Een groene krekel die je ’s avonds luid hoort zingen, is in de meeste gevallen geen echte krekel maar de grote groene sabelsprinkhaan. Dit opvallende insect is felgroen van kleur, heeft lange achterpoten en maakt een schel, ratelend geluid dat je op warme zomeravonden van ver kunt horen. Het is één van de grootste insecten die in België en Nederland voorkomen.

Wat is de groene krekel precies?

De grote groene sabelsprinkhaan (Tettigonia viridissima) wordt in de volksmond vaak “groene krekel” of “krekel groen” genoemd. Toch is hij geen echte krekel. Krekels en sabelsprinkhanen horen wel allebei bij de rechtvleugeligen, maar zijn verschillende diergroepen. Het verschil zie je onder andere aan de sprieten: de sabelsprinkhaan heeft extreem lange, draadvormige voelsprieten die soms langer zijn dan het lichaam zelf.

Het dier is vrijwel volledig groen, wat perfecte camouflage biedt tussen blad en gras. Sommige exemplaren hebben een bruine streep over de rug. Vrouwtjes zijn goed te herkennen aan de lange, sabelachtige legbuis aan het achterlichaam, waar de naam “sabelsprinkhaan” vandaan komt.

Hoe herken je een krekel groen in het veld?

De grote groene sabelsprinkhaan is fors: het lichaam wordt al snel 3 tot 4 centimeter lang, en de achterpoten en sprieten erbij meegeteld is het dier nog aanzienlijk groter. Dat maakt hem goed zichtbaar als je hem eenmaal gevonden hebt, maar de groene kleur maakt dat niet makkelijk.

  • Kleur: heldergroen, soms met een smalle bruine rugstreep.
  • Grootte: lichaam 3 tot 4 centimeter; sprieten minstens even lang.
  • Legbuis (vrouwtje): lang en gebogen, doet denken aan een sabel.
  • Vleugels: volwassen dieren hebben vleugels die tot over het achterlichaam reiken.
  • Geluid: luid, schel en aanhoudend geratel, vooral hoorbaar na zonsondergang.

Het geluid is waarschijnlijk het makkelijkste herkenningsteken. Mannetjes striduleren door hun vleugels over elkaar te wrijven. Het resulterende geratel is zo luid dat je het vanuit een tuin of langs een bosrand op tientallen meters afstand hoort.

Waar en wanneer kom je de groene krekel tegen?

De grote groene sabelsprinkhaan houdt van warm en zonnig. Je vindt hem in ruige bermen, heggen, bosranden, struweel en hoog gras, maar ook gewoon in tuinen met voldoende beplanting. Hij klimt graag omhoog en zit regelmatig in struiken of lage bomen.

Het seizoen loopt ruwweg van juli tot en met september of oktober. Volwassen dieren zijn dus typisch een zomerfenomeen. De eieren worden in de grond gelegd en overwinteren daar. De nimfen (jonge dieren) groeien door het voorjaar en de vroege zomer, totdat ze begin juli volwassen worden.

In België en Nederland is de soort vrij algemeen, al is ze gebonden aan warme, structuurrijke plekken. Door de opwarming van het klimaat lijkt de soort haar areaal noordwaarts uit te breiden.

Wat eet de grote groene sabelsprinkhaan?

Ondanks de plantenrijke omgeving is de grote groene sabelsprinkhaan deels een roofdier. Hij eet zowel plantaardig materiaal (bladeren, zaden, bloemen) als andere insecten. Rupsen, vlinders en andere kleine ongewervelden staan op het menu. Die gemengde eetgewoonte maakt hem tot een omnivoor.

Zelf staat hij op het menu van vogels, hagedissen en andere roofdieren. De felgroene kleur biedt bescherming zolang het dier stilzit tussen het gebladerte.

Verschil tussen krekel groen en bruine krekel

De gewone veldkrekel (Gryllus campestris) en de huiskrekel (Acheta domesticus) zijn echte krekels en zien er duidelijk anders uit. Ze zijn kleiner, donkerder (bruinzwart) en hebben kortere sprieten. Hun geluid is ook anders: krekels maken een fijner, hoog tjirpend geluid, terwijl de groene sabelsprinkhaan ratelend en scherper klinkt.

Een andere soort die verwarring kan geven is de gewone groene sabelsprinkhaan (Tettigonia cantans), maar die is kleiner en heeft kortere vleugels. De grote groene sabelsprinkhaan is de grootste en luidste van de twee.

Als je op een warme avond in de tuin een luid, schel geratel hoort vanuit een struik of boom, is de kans groot dat je naar een grote groene sabelsprinkhaan luistert. Wil je hem echt zien, schijn dan voorzichtig met een zaklamp in de richting van het geluid en kijk goed tussen de bladeren: het heldergroene dier zit er vaak gewoon middenin.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *